Nieuws

De Hoge Raad benadrukt zware bewijslast voor inspecteur bij boetes

Afbeelding voor De Hoge Raad benadrukt zware bewijslast voor inspecteur bij boetes
Delen

In duidelijke bewoordingen heeft de Hoge Raad afgelopen vrijdag uitgelegd welke regels gelden in het geval van een fiscale boete. Uitgangspunt vormt het bepaalde in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Dat artikel geeft een ieder recht op een eerlijk proces en houdt iedereen voor onschuldig tot het tegendeel is bewezen.

De spelregels
De Hoge Raad overweegt nogmaals dat de bewijslast bij het opleggen van een boete altijd op de inspecteur rust. Daarbij geldt voor hem een verzwaarde bewijslast. Die houdt in dat de inspecteur overtuigend moet aantonen dat de belastingplichtige weet had van het vergrijp. De Hoge Raad doet in zijn uitspraak nadrukkelijk afstand van de termen ‘aannemelijk maken’ en ‘zich ervan bewust moeten zijn’. Termen die rechters en de Belastingdienst vaak voldoende achten voor een boete. Bestaat er twijfel omtrent een vergrijp, dan moet de belastingplichtige het voordeel van die twijfel worden gegund. De boete moet dan worden vernietigd.

Inspecteur aan het werk

De inspecteur moet dus aan de bak. Hij zal overtuigend bewijs moeten verzamelen en voorleggen aan de rechter ter onderbouwing van een vergrijpboete. Meer dan hij nu in de praktijk pleegt te doen. De rechter op zijn beurt zal daar kritisch naar moeten kijken en moeten beoordelen of de verzamelde en vastgestelde feiten overtuigend zijn om een boete te rechtvaardigen. Wij verwachten dat veel opgelegde boetes die toets niet doorstaan met deze uitspraak van de Hoge Raad in de hand.

Heeft u vragen?
Wordt u geconfronteerd met (dreigende) boetes, neemt u dan gerust contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek. FT-advocaten is de specialist op dit gebied en beschikt over jarenlange ervaring.

Direct hulp nodig?

Onze advocaten schakelen snel en zijn direct bereikbaar.

Bel: +31 (0) 85 006 2222
logo beeldmerk

Gerelateerd nieuws

Nieuwsarchief